Nieuws

Aan het woord: Prof. dr. Leonard Witkamp, KSYOS

QAEH als kwaliteitsbijsluiter voor e-health gebruikers
Aan het woord: Prof. dr. Leonard Witkamp, KSYOS Telemedisch centrum

KSYOS Telemedisch centrum is een zorginstelling voor medisch specialistische zorg, onderzoek en ontwikkeling van diensten. KSYOS is een door QAEH gecertificeerde organisatie van het eerste uur. Directeur-eigenaar en bijzonder hoogleraar e-Health dr. Leonard Witkamp geeft zijn visie op de ontwikkeling van e-Health en licht toe waarom de erkenningsregeling van QAEH voor KSYOS en haar cliënten van toegevoegde waarde is.

“KSYOS is een zorginstelling met medische aansprakelijkheid die het zorgproces herdefinieert. Wij zoeken naar passende zorgverleners en organiseren de zorg lokaal”, licht Witkamp toe. “We zijn vanaf het begin nauw betrokken bij de ontwikkeling van Telemedicine. Ik maakte ook deel uit van de commissie die de totstandkoming van de NEN 8028 norm Kwaliteitseisen Telemedicine begeleidde. Deze norm heeft als doel de kwaliteit en patiëntveiligheid in Telemedicine te borgen. De QAEH erkenningsregeling zorgt ervoor dat de betrokken organisaties hier ook daadwerkelijk aan voldoen.

De “e” verdwijnt
“Inmiddels is e-health zo’n beetje wildwest geworden. Er zijn vele toepassingen met beperkte controle op de bijdrage aan het patiënten en cliëntenwelzijn. We constateren tegelijkertijd dat de markt van e-health steeds volwassener wordt”, geeft Witkamp aan. “e-Health als term bestaat naar mijn idee over 5 tot 10 jaar zelfs niet meer. De e verdwijnt. E-health is dan onderdeel geworden van het intelligente internet waarmee zorgprocessen tijd en plaats onafhankelijk zullen verlopen. Dit stelt wel specifieke eisen waardoor er een wettelijk kader zou moeten komen.”

Kwaliteitsbijsluiter
“Vanaf de start van QAEH zijn we betrokken bij de erkenningsregeling. De driedeling die QAEH hanteert in haar aanpak spreekt mij enorm aan; erkenning van de gebruikte e-health Instrumenten, de leveranciersorganisatie en de zorginstelling waar e-health toepassingen worden ingezet. Naast deze brede aanpak, gericht op de keten, is de subkwalificatie zorginstelling voor ons even belangrijk als de overige twee. Wij opereren immers als

Nederland, Almere, 18 augustus 2015. Leonard Witkamp, bijzonder hoogleraar Telemedicine aan de Faculteit der Geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam. Foto: Marcel Bakker
Leonard Witkamp, bijzonder hoogleraar Telemedicine aan de Faculteit der Geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam. Foto: Marcel Bakker

zorginstelling. Hierdoor hebben we te maken met contractering met zorgverzekeraars die de erkenning als een belangrijke indicator voor kwaliteit zien. KSYOS is een grote organisatie met veel niveau’s. QAEH kijkt op alle niveaus van diensten en activiteiten waardoor de kwaliteitserkenning echt een integrale en gedetailleerde beoordeling genoemd kan worden.”

“QAEH is door de verschillende erkenningsschema’s goed voorbereid op de toekomst waarin e-health ontwikkelingen steeds verder gaan. De kwaliteitsbeoordeling waarmee nieuwe instrumenten worden gevalideerd is goed neergezet. Een “Melanomen App” is een goed voorbeeld. Als gebruiker wil je weten of het instrument net zo goed is als de beoordeling van een huisarts of dermatoloog. Aan de ene kant mag het instrument niet te voorzichtig zijn, waardoor cliënten extra controles door de huisarts of specialist willen. Maar uiteraard ook niet minder voorzichtig met alle gevolgen van dien. Een gevalideerde dienst heeft een bijsluiter. Als QAEH deze onderschrijft dan heeft een bijsluiter zijn waarde.”

Geen marketingtruc
“Als voorloper in de markt probeer je onderscheidend te zijn en dit ook zichtbaar te maken als marktleider. Natuurlijk zijn we ook nieuwsgierig hoe het ervoor staat met onze kwaliteit, want kwaliteitsverantwoording wordt steeds meer gevraagd”, aldus Witkamp.

“Voor de jaarlijkse certificering zijn de meeste organisaties toch een beetje bang’, vervolgt hij.  “Certificeren houdt ons bij de les. Het is natuurlijk geen garantie dat je alle aspecten altijd perfect op orde hebt, maar zorgt er wel voor dat je op je qui-vive blijft. Erkenning is voor ons geen uithangbord. De klant mag aannemen dat het goed zit. Het is geen marketingtruc, maar een belangrijk hulpmiddel om onze kwaliteit hoog te houden.”

 

Veiligheidsrisico’s van eHealth nog te vaak onderschat

Alphen aan den Rijn, 10 november 2015

eHealth wordt steeds vaker toegepast. Dit is een goede ontwikkeling, omdat daarmee de kwaliteit van de zorg verbeterd kan worden. Maar uit recent onderzoek van het Nictiz, het expertisecentrum voor standaardisatie en eHealth, blijkt dat de veiligheid bij het toepassen van eHealth-technologie vaak sterk te wensen overlaat. In sommige gevallen vallen hierdoor zelfs dodelijke slachtoffers. 

Op 6 november jl. heeft Nictiz de whitepaper “Veilig omgaan met eHealth – dit zeggen de experts” uitgebracht. Het kwalitatieve onderzoek geeft feilloos aan waar de zwakke punten van eHealth liggen. Je zou het onderzoek een tussenstand kunnen noemen van het toepassen van eHealth vanaf februari 2011. Op die datum is immers de NEN 8028 uitgekomen. Deze norm biedt richtlijnen voor het op een veilige manier toepassen van eHealth-technologie in de zorg.

Uiteraard brengt het gebruiken van eHealth-technologie risico’s met zich mee. De geïnterviewde personen constateren dat de grootste risico’s liggen op het terrein van tekortkomingen in de afspraken wie wat doet en waarvoor verantwoordelijk is, en niet zozeer in de techniek. Personenalarmering kan bijvoorbeeld technisch perfect werken, maar uiteindelijk gaat het erom dat de gekwalificeerde persoon op het juiste moment bij de patiënt komt. Volgens de eisen van QAEH – de erkenningsregeling voor bedrijven die eHealth toepassen- is daarom een risico-inventarisatie vereist. En veel bedrijven hebben de risico’s niet goed in kaart gebracht. Ook blijkt tijdens audits, die QAEH uitvoert bij bedrijven, regelmatig dat er in de zorgketen hiaten zitten in de gemaakte afspraken. Het gaat dan bijvoorbeeld om wie de instructies aan de gebruiker/patiënt geeft of wie verantwoordelijk is voor het onderhoud van de apparatuur.

Een voordeel van eHealth is dat het zeer goed kan worden ingezet bij zelfmanagement. Bij zelfmanagement voert de gebruiker/patiënt zelf de regie over het leven met zijn of haar ziekte. Voorwaarde is wel dat de gebruiker/patiënt kan omgaan met de eHealth-technologie en de “logica” die daarvoor nodig is. En niet iedereen bezit dat vermogen.

Daarom wordt bij de audits die QAEH uitvoert, ook gekeken of de mensen die verantwoordelijkheid krijgen, ook hiertoe in staat zijn. Ook is het zeer belangrijk dat patiënten goede uitleg krijgen over wat er van hen wordt verwacht. Zo werkt bijvoorbeeld beeldzorg voor een patiënt met zeer slecht zicht simpelweg niet goed.

Moeten we ons zorgen maken?
Regelmatig verschijnen er diverse nieuwe gezondheidsapps en wordt eHealth hoe langer hoe meer toegepast. Dankzij deze vaak innovatieve toepassingen zien we al een verbetering van kwaliteit van de zorg. Aan de veiligheid van het gebruik van eHealth worden echter geen specifieke wettelijke eisen gesteld. En dit kan leiden tot gevaarlijke situaties.

Het is daarom goed dat er een initiatief is om de veiligheid van eHealth te borgen. QAEH beheert erkenningsregelingen op basis van de NEN 8028 voor het toepassen van eHealth. Dit gebeurt in samenwerking met o.a. WDTM, de brancheorganisatie voor woonzorgtechnologie en personenalarmering. Voor WDTM beheert QAEH het Ketenkeurmerk Woonzorgtechnologie dat in Europees verband wordt gezien als een toonaangevend voorbeeld.

Het is duidelijk dat we er met de eHealth-technologie alleen niet zijn. We moeten er ook voor zorgen dat eHealth veilig wordt toegepast.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met René Ungerer, directeur QAEH. Telefoonnummer 0172-242441

Uitreiking WDTM-QAEH ketenkeurmerken

Alphen aan de Rijn, 31 augustus 2015

In de afgelopen maanden zijn verschillende organisaties ge-audit op hun procesgang rondom e-health producten en diensten. Het resultaat is zeer positief en onderstreept het groeiende kwaliteitsbesef voor e-health in de zorgketen. Maar liefst 5 organisaties hebben de audit voor certificering met goed gevolg doorstaan en het WDTM-QAEH ketenkeurmerk behaald. Een fantastische erkenning voor hun hoge kwaliteit op het gebied van e-health toepassingen in de zorgketen!

De QAEH erkenning als Sms-je

De uitreiking van het officiële certificaat vond plaats tijdens het jaarlijkse WDTM netwerkevenement  dat voor de vijfde keer plaatsvond op 25 augustus, dat mede door het eerste lustrum een extra feestelijk tintje had. Vier van de vijf organisaties waren aanwezig en ontvingen van Wouter Meijer, secretaris van QAEH, het officiële certificaat in het bijzijn van WDTM en QAEH participanten en bestuursleden. “Partnerschap in kwaliteit, daar staat de erkenning voor. Participatie betekent dus dat de kern van je bedrijfsvoering gericht is op voortdurende verbetering voor de klant”, aldus Wouter Meijer.

“Het certificaat van het WDTM-QAEH ketenkeurmerk door QAEH zien we als een ‘sms-je’, het staat voor een spiegel voorhouden, een mijlpaal bereiken en de stimulans ervaren verder te gaan”, svervolgde Meijer.

Ook het audit proces getuigt van kwaliteit. Met wederzijds respect, betrokkenheid en vertrouwen is met de onafhankelijke auditoren van het Centrum voor Certificatie in grote openheid samengewerkt.

De certificaten zijn uitgereikt aan mevrouw D. Gerritsen, Eurocross Assistance (zorgcentrale), de heer R. de Bruin, Verklizan (leverancier), de heer K. Veerhoek, SPAZ (Zorgcentrale, aanbieder en installateur en de heer B. de Kraker, IGCN (aanbieder en installateur). Zorgcentrale Noord (zorgcentrale, aanbieder en installateur) maakt het rijtje compleet, maar was niet aanwezig tijdens de uitreiking.

vlnr De heer S. Peek (penningmeester QAEH), de heer W. Meijer (secretaris QAEH), mevrouw D. Gerritsen, Accountmanager Eurocross Assistance, de heer K. Veerhoek, Projectmanager SPAZ de heer R. de Bruin, Manager sales & support Verklizan de heer R. Ungerer (directeur QAEH), de heer B. de Kraker, IGCN en De heer R. Mandigers (voorzitter WDTM).

Het WDTM-QAEH ketenkeurmerk

Het besef van de mogelijkheden van E-Health toepassingen in (woon)zorg neemt toe. Langer zelfstandig wonen is een groeiende maatschappelijke behoefte waar betrouwbare E-health producten en diensten aan bij kunnen dragen. Tegelijkertijd wordt er ook steeds meer belang gehecht aan de kwaliteit van deze ontwikkelingen. Met het WDTM-QAEH ketenkeurmerk, dat wordt beheerd door QAEH, is deze kwaliteit onafhankelijk erkend.

Met het kwaliteitskeurmerk maken alle betrokkenen in de keten van persoonsgebonden alarmeringsdiensten, waaronder leveranciers, installateurs, zorgcentrales, alarmopvolgers en aanbieders, gebruik van een leidend procesmodel. Hieronder worden processen geoptimaliseerd wat resulteert in de hoogst mogelijke betrouwbaarheid voor de eindgebruiker. De ketenbetrokkenen kunnen allen afzonderlijk gecertificeerd worden waarbij de afspraken en uitvoering ervan tussen de schakels een belangrijk onderdeel vormen.

Meer informatie over het ketenkeurmerk, WDTM en QAEH is te vinden op www.qaeh.nl/wdtm en specifiek op www.qaeh.nl/wdtm

————

Bent u benieuwd wat het Ketenkeurmerk voor uw organisatie kan betekenen? Wij informeren u graag over de mogelijkheden.

Patiëntveiligheid bij E-health door samenwerking

Bijdrage van Wouter Meijer, verschenen in De Kennis-Blogs, initiatief van Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie
14 januari 2015

E-health gaat niet alleen om techniek, maar grijpt ook in op processen en verantwoordelijkheden in de jeugd-ggz. Natuurlijk is het belangrijk om zo goed mogelijk aan te sluiten op de vraag en de behoeften van cliënten en behandelaars, en om een business case te ontwikkelen (jargon voor: het moet ook financieel kunnen). Maar daarnaast is ook erg belangrijk om rekening te houden met de risico’s van de inzet van E-health, ten gunste van de patiëntveiligheid.

Lees verder.

Samenwerking met NVEH

Samenwerking NVEH en QAEH

De Nederlandse Vereniging voor eHealth (NVEH) is een samenwerking aangegaan met de stichting QAEH om haar te ondersteunen bij het promoten van haar doelstellingen. De NVEH geeft op haar website de redenen aan waarom ze de samenwerking met QAEH van belang vinden.

Lees verder